Over het werk
Curatoriële Inleiding voor de Fundamentele 1998 Collectie van Martine Jacobs door Cansu Waldron
De digitale praktijk van Martine Jacobs komt voort uit een moment voordat de taal, de markt of institutionele kaders voor \"digitale kunst\" bestonden.
Haar archief van meer dan 350 werken, gemaakt tussen 1998 en 2007, is een van de meest emotionele en over het hoofd geziene lichamen van vroege internetkunst — een registratie van hoe mensen online voelden terwijl de digitale wereld vorm kreeg.
Wat de Fundamentele 1998 Collectie vandaag zo relevant maakt, is dat het de dominante narratief van digitale kunst uit die tijd niet volgt.
In plaats daarvan presenteert het een diep persoonlijke feministische interventie in het vroege web. Terwijl veel vroege netkunst zich richtte op code, conceptualisme of software-esthetiek, richtte Jacobs zich op protest, spiritualiteit, verlangen, verdriet en het intieme emotionele leven van vrouwen.
Ze bouwde een visuele taal voor gevoel op een moment waarop het internet nog niet had geleerd om emoties vast te houden, en volhardde dat kwetsbaarheid geen zwakte was in het digitale rijk, maar een vorm van auteurschap.
Deze positionering plaatst Jacobs binnen een parallelle lijn van feministische digitale praktijk die nog niet volledig is gehistoriseerd.
Lang voordat de taal van digitale identiteit, collectief verhalen vertellen of Web3-gemeenschappen opkwamen, gebruikte ze het internet al als een emotionele commons — een ruimte waar gedeelde kwetsbaarheid een bron van verbinding en stille kracht werd.
Om deze reden is haar archief niet alleen relevant voor instellingen zoals het Feministisch Instituut, maar essentieel voor het begrijpen van de wortels van hedendaagse digitale gemeenschappen die zich op vrouwen richten, waaronder World of Women.
Jacobs' entree in de digitale kunst begon in 1998, toen de toegang tot een Pentium II-computer en vroege versies van Adobe en Paint Shop Pro bood wat zij beschrijft als “volledige bevrijding.” Klassiek opgeleid in houtskool en pastel, herkende ze onmiddellijk het potentieel van digitale manipulatie — de capaciteit om beelden met ongekende snelheid te stapelen, te vervormen en opnieuw voor te stellen.
Terwijl leeftijdsgenoten de computer als koud of onecht afwezen, benaderde Jacobs het als een plek van intimiteit, en vulde digitale beelden met de warmte van haar analoge gevoeligheid.
Deze mix van emotionele kwetsbaarheid en veerkracht definieert Jacobs' archief, waar intimiteit, verdriet en spirituele zoektocht samenkomen in een radicale bewering van vrouwelijke autonomie.
Haar werk beschouwt het vroege internet als een ruimte voor gedeelde emotie, waar verdriet, empathie en reflectie openlijk en collectief konden bestaan.
In een tijd waarin traditionele media moeite hadden om grootschalige rouw over te brengen, trokken haar digitale portalen meer dan 100.000 bezoekers, en creëerden een vroeg, horizontaal emotioneel gemeenschappelijk goed.
Door het archief heen laat Jacobs zien dat kwetsbaarheid geen zwakte is, maar een vorm van auteurschap, en dat vrouwelijke kracht niet beperkt hoeft te worden door angst, maatschappelijke verwachtingen of technologische beperkingen.
Haar praktijk anticipeert op hedendaagse bewegingen die mythes, identiteit en macht terugwinnen, en toont aan dat de emotionele, politieke en spirituele inzet van digitale kunst onlosmakelijk verbonden zijn met het medium.
Al deze werken krijgen nieuwe betekenis nu het archief formeel is bewaard door het Internet Archive.
Na jaren van risico op verdwijning door verouderde interfaces, verlopen software en browserbeperkingen markeert deze erkenning een keerpunt — het vestigt Jacobs' praktijk niet alleen als digitale kunst, maar als een historische registratie van digitale emotie.
Dit is de betekenis van het archief van Martine Jacobs: het onthult de emotionele, feministische en politieke wortels die de digitale kunst vandaag blijven vormgeven. Het laat zien dat een van de belangrijkste verhalen van het vroege web zich buiten het dominante verhaal afspeelde, gecreëerd door een vrouw die digitale tools gebruikte om de innerlijke landschappen van een wereld in transitie in kaart te brengen.
De vrouw zal bloed huilen (1998)
Digitale compositie / Emotioneel surrealisme / Antikrijgsprotest
De vrouw zal bloed huilen is een digitaal samengesteld protestkunstwerk dat in 1998 is gemaakt met Paint Shop Pro op een Pentium II-systeem. Een close-up van het gezicht van een vrouw domineert de compositie — haar ogen wijd open, wimpers overdreven, huid gestileerd in rode en oranje tinten. Een militair vliegtuig snijdt horizontaal over haar gezicht, lijkt op een stealth-bommenwerper, zijn aanwezigheid zowel letterlijk als symbolisch. De surrealistische juxtapositie roept thema's van surveillance, geweld en emotionele breuk op.
Dit stuk is een directe protest tegen oorlog en gemilitariseerd spektakel. De blik van de vrouw is bevroren, maar de impliciete tranen — bloed — signaleren trauma, schending en psychische invasie. Het vliegtuig wordt een metafoor voor indringing, dominantie en de uitwissing van emotionele interioriteit. Dit werk, dat is gemaakt in het pre-platformtijdperk, staat als een vroeg digitaal relikwie van feministische weerstand, emotioneel getuigenis en symbolische confrontatie. Het behoort tot de Emotionele Surrealworks en Protest Icons constellaties van Martine Jacobs, waar het lichaam een plaats wordt van politieke en spirituele breuk.
confront
Specificaties
| Uitgever | Martine Jacobs |
|---|---|
| Ingelijst | Niet inbegrepen |
| Certificaat van echtheid | Inbegrepen |
| Conditie/details | Uitstekend |
| Handtekening | Inbegrepen |


.png?resolution=626x626&type=webp&quality=85&background=FFFFFFFF)

.png?resolution=626x626&type=webp&quality=85&background=FFFFFFFF)









